WAT IS EEN PSYCHOLOOG ?
Een psycholoog bestudeert het denken, het voelen en het gedrag van de mens. Dat doet de psycholoog op verschillende manieren.
WAT DOET EEN PSYCHOLOOG ?
Praten : de psycholoog praat met je over gevoelens (blijdschap, verdriet, angst, boosheid), over gedachten (bijvoorbeeld: als je je boos voelt, wat denk je dan) en over gedrag (als je boze gedachten hebt en een boos gevoel, hoe laat je dat dan zien aan andere mensen om je heen).

Testen/vragenlijsten: soms gebruikt de psycholoog testen en vragenlijsten om bijvoorbeeld te be-oordelen hoe slim iemand is (intelligentietest) of hoe vaak iemand verdrietig of boos is (vragenlijst).

Oefenen/trainen : de psycholoog laat zien hoe je je goed kan gedragen, bijvoorbeeld hoe je
duidelijken vriendelijk nee kunt zeggen als iemand jou iets vraagt wat je liever niet wilt doen.

Spelen: kleine kinderen kunnen nog niet goed zeggen waar ze last van hebben. De psycholoog gaat dan met het kind spelen om zo te kunnen zien waar het kind last van heeft. Bijvoorbeeld: een klein kind kan nog niet vertellen hoe verdrietig hij is als hij veel straf krijgt van grote mensen. Als hij in zijn spel laat zien dat een poppetje veel straf krijgt, dan kan de psycholoog praten met het kind over wat het poppetje denkt of voelt .

Observeren: de psycholoog kijkt goed naar mensen. Iemand kan wel zeggen dat hij zich goed voelt, maar als dat niet zo is, kun je dat zien aan hoe iemand kijkt (verdrietige blik in de ogen) en hoe iemand zich gedraagt (bv. met afhangende schouders)

WELKE MENSEN GAAN NAAR EEN PSYCHOLOOG ?
Het maakt niet uit hoe oud je bent, je kunt altijd naar een psycholoog. Dus de groepen mensen die naar een psycholoog gaan zijn : kinderen, tieners, volwassenen en oudere mensen.
WANNEER GAAN MENSEN NAAR EEN PSYCHOLOOG ?
Mensen gaan naar een psycholoog wanneer zij last hebben van:
Gevoelens: bijvoorbeeld: Ik voel me vaak bang / Ik voel me vaak verdrietig / Ik voel me vaak boos



Gedachten: bijvoorbeeld: ik denk meestal dat niemand mij aardig vindt / Ik denk meestal dat ik niets kan / Ik denk meestal dat ik de problemen van een ander moet oplossen

Gedrag : Bijvoorbeeld: Ik heb vaak ruzie met andere mensen / Ik kan moeilijk in slaap komen / Ik werk of studeer teveel en kan niet stoppen/ Ik eet te weinig of ik eet teveel / Ik gedraag mijzelf vaak te druk / Ik kan mijzelf niet goed concentreren / Ik heb last van driftbuien

Lichamelijke klachten: bijvoorbeeld: ik heb vaak last van hoofdpijn of buikpijn of nekpijn,
terwijl de dokter geen lichamelijke oorzaak kan vinden.

Opvoedingsproblemen: bijvoorbeeld: ik weet niet hoe ik mijn kinderen het beste kan opvoeden.

HOE KUN JE EEN AFSPRAAK MAKEN BIJ EEN PSYCHOLOOG ?
Eerst ga je naar de huisarts en vertel je dat je last hebt van jouw gedachten en/of jouw gevoelens en/of jouw gedrag en/of lichamelijke klachten . Bijvoorbeeld: een meisje van 10 jaar zegt tegen de dokter “ik heb heel veel last van buikpijn”. Eerst doet de dokter een lichamelijk onderzoek. Als de dokter geen lichamelijke oorzaak vindt vraagt hij hoe het gaat op school en thuis. Als de dokter hoort dat zij het niet zo fijn vindt op school dan denkt hij dat de buikpijn te maken heeft met iets dat zij niet fijn vindt op school. Dan zal de dokter vertellen dat het goed zou zijn om eens naar een psycholoog te gaan om te praten over haar buikpijn en haar onprettig gevoel op school. Als het meisje en haar ouders dat ook een goed idee vinden dan schrijft de dokter een verwijsbrief naar de psycholoog.
De ouders van het meisje bellen dan de psychologiepraktijk op en krijgen dan van de secretaresse van de psycholoog aanmeldformulieren opgestuurd (adresgegevens, leeftijd, polisnummer, burger servicenummer), die ze invullen en dan weer terugsturen naar de secretaresse. De secretaresse voert dan alle gegevens in, in de computer van de psycholoog. Wanneer de psycholoog alle gegevens van het meisje en de ouders heeft, gaat de psycholoog de ouders en het meisje schriftelijk of telefonisch uitnodigen voor een eerste gesprek.